![[ Klimhal Amsterdam ] [ Klimhal Amsterdam ]](http://www.climbing.nl/images/klimhalamsterdam/sterling.jpg)
Tjaard op de River of Frozen Dreams, Ice Station Superior
3) Superior Ice - ijsklimmen in het hart van Noord-Amerika
Geografie
Het gebied rond lake Superior kent een landklimaat met warme zomers en lange koude winters. Het ijsklim seizoen is hierdoor lang en betrouwbaar. De Canadese provincie Ontario vormt de noordkust, de Upper Penninsula van Michigan en Wisconson de zuidkant en Minnesota heeft de noordwestkant voor zijn rekening genomen. De hele regio is zeer dun bevolkt en bestaat voornamelijk uit bos, waarbij de voornaamste bronnen van inkomsten bos- en mijnbouw zijn. Dit betekent helaas dat er grote stukken land niet openbaar zijn. Gelukkig blijft er meer dan genoeg over voor toeristen om vele vakanties te kunnen klimmen. Ondanks de overeenkomsten zijn er ook duidelijke verschillen te zien in het landschap. West Ontario heeft platte tafelbergen, midden Ontario heeft enkele diepe valleien en Michigan's Upper Penninsula heeft Munising.
![[ Satellietbeeld van Lake Superior ]](http://alpine.climbing.nl/images/verhalen/superior/satelliet2.jpg) Satellietbeeld van Lake Superior
Climb with a view
Munising is de naam van een klein dorpje en van een uniek ijsklimgebied. Het heeft vele watervallen in haar rivier kloven, maar is vooral bekend van het klimmen in Pictured Rocks national seashore. Dit beschermde gebied bevat prachtig gekleurde zandsteen klippen langs de kust van Superior. 's Winters vormen zich hier moeilijke ijs pilaren. Vrijstaande zuilen van vele tientallen meters hoog met uitzicht naar alle kanten over het meer. Dit gebied kent een iets korter seizoen dan Ontario's klimgebieden, meestal is hier tot half maart goed te klimmen. Door de ligging recht in de 'meerwind' heeft de Upper Penninsula een enorme jaarlijkse sneeuwval, de streek is dan ook zeer geliefd bij langlaufers en sneeuwscooter fanaten.
![[ Kop uit de tent ]](http://alpine.climbing.nl/images/verhalen/superior/tent.jpg) Kop uit de tent
Interrailen
Aan de oost punt van het meer liggen de beide Sault Ste. Marie's, een Amerikaanse en een Canadese stad aan weerzsijde van de sluizen naar lake Huron. In deze streek zijn vele ijsklim mogelijkheden waarvan de twee meest noemenswaardige Montreal River een Agawa Canyon zijn. Niet alleen omdat er zoveel en zulke mooie routes zijn maar ook omdat ze alleen per trein te bereiken zijn. Om hier te klimmen neem je voor enkele dagen voedsel en kampeerspullen mee en laat je je door de trein in de canyon afzetten, waarbij je een tijd en plek langs het spoor afspreekt waar je weer wilt worden opgepikt als je klimvakantie ten einde loopt. Ondanks het feit dat je hier midden tussen de beide Noord-Amerikaanse bergketens zit zijn er hier routes van 200 meter hoog te vinden.
![[ Gijs spoort niet ]](http://alpine.climbing.nl/images/verhalen/superior/gijs-spoortniet.jpg) Gijs spoort niet
De Niet-zo-North Shore
Het laatste gebied dat ik wil vermelden is eigenlijk geen ijsklim gebied in de gebruikelijke zin van het woord. Minnesota's North Shore heeft vele ijsklim routes, maar er zijn er nooit heel veel bij elkaar in de buurt, doordat ze bijna allemaal in beekdalen liggen of op kleine rotswanden. Dit betekent dus dat je na een dag klimmen de volgende dag weer een uurtje verder moet rijden. Hier staat tegenover dat het klimmen in de smalle winterse kloven een heel eigen sfeer met zich mee brengt. Gijs en ik klimmen een van de klassiekers in Minnesota: Nightfall (3+, 60m), in de Devil Track Gorge. Nadat we 's ochtends met -25 hebben genoten van de opspattende golven en de met ijs bedekte rotsen voor de kust van Grand Marais parkeren we de auto langs highway 61 en lopen over de bevroren rivier. Al gauw wordt de vallei smaller en beginnen de rode rotswanden hoger te worden. Bij iedere bocht willen we de camera te voorschijn trekken omdat de view adembenemend is. De witte berken steken scherp af tegen de donker groene dennen en de rode rots. Tijdens de drie kwartier durende aanloop komt ons een groepje tegemoet dat aan de winterse versie van canyoning doet: langlaufski's onder, gordel om en afwisselend abseilen en skiën, een prachtige manier om de 's zomers onbereikbare dalbodem te bekijken.
![[ Fran loopt over de Cascade River ]](http://alpine.climbing.nl/images/verhalen/superior/fran-cascaderiver.jpg) Fran loopt over de Cascade River
Ik begin met klimmen maar geef op vanwege de kou. Ik kan mijn handen en voeten niet meer voelen en het ijs is zo hard dat ik de ijsboor die ik wil plaatsen nauwelijks rond kan draaien. Gijs neemt het over en brengt het er beter vanaf. Nadat hij mij omhoog heeft gezekerd gaat hij van start in de tweede touwlengte. De eerste 6 meter zijn zeer steil, bijna loodrecht. Gijs weet zijn hoofd koel te houden en spreidt prachtig zijn voeten aan weerszijden van de ondiepe geul waarin hij klimt. Naklimmend ben ik later blij met de gaten die zijn bijlen hebben achtergelaten want het ijs is werkelijk zo hard als beton. Via een lastige zigzag komt Gijs bij het iets minder steile stuk bovenin de route, en met armen en kuiten als ballonnen bereikt hij na veertig meter de rand van de kloof en de standplaats.
Terug in de auto komt het gevoel in mijn vingers langzaam terug, maar in mijn tenen is kennelijk sprake van lichte bevriezing, waarschijnlijk als gevolg van te strak gestrikte schoenen tijden de aanloop. Dit is een van de gevaren van het klimmen in deze regio, het andere gevaar vormen de rivieren. In tegenstelling tot een meer bevriest een snelstromende rivier nooit gelijkmatig. Hierdoor is de kans om door het ijs te zakken erg groot. Zelf ben ik verscheidene keren met mijn voet in het water gekomen maar het kan ook veel erger. Houdt hier rekening mee als de aanloop over een rivier verloopt.
![[ Gijs seilt ab in Nightfall bij -25 ]](http://alpine.climbing.nl/images/verhalen/superior/gijs-nightfall.jpg) Gijs seilt ab in Nightfall bij -25
De Manitou River is een andere favoriet. Mijn ervaring hier was precies omgekeerd aan ons bezoek aan de Devil Track. De temperatuur was deze keer maar net onder nul, de zon scheen op ons hoofd en er waren meer klimmers aan het werk. Na slechts tien minuten lopen kwamen we in een smalle kloof waarvan de wand rijkelijk bedekt was met grote en kleine drips, smears, pillars en aprons. Er zitten een aantal makkelijke pilaren (WI 2+/3 ca. 15m) en diverse harde mixed routes van een touwlengte. Hier leerde ik een nieuwe milieu onvriendelijke techniek. Ik klom een niet al te moeilijke pilaar en was al bijna boven. Net onder de bovenrand vond ik een goede rust en dus draaide ik toch nog maar even een boor in, alhoewel het steile gedeelte al voorbij was en ik de stand al haast kon aanraken. Bijna dus, maar niet helemaal. Het ijs eindigde een meter onder de rand en de neigende rots was zo ontzettend verbrokkeld dat wel duidelijk was dat drytoolen absoluut geen optie was. Rechts vond ik nog een drip en daar stond ik dan: bijl veel te ver rechts opzij van me hoog in dun ijs geplaatst terwijl ik op mijn voorpunten bovenop de pilaar balanceerde. De schlinges van de stand zaten op ooghoogte om de boomtak links van me, net te ver om ze met mijn linkerhand te kunnen pakken. Terwijl ik wanhopig om me heen keek naar drytool mogelijkheden of boomtakken om beet te pakken zag ik plotseling de vreemde splinters in de cederstronk onder de stand. Met een flinke zwaai van mijn linker bijl kreeg ik een prachtige placement in het hout, maakte de pas naar links en kon rustig de stand klippen.
Laatste pagina (4 van 4)
![[ Topropen in de Cascade River, Minnesota ]](http://alpine.climbing.nl/images/verhalen/superior/johndoe-cascade.jpg) Topropen in de Cascade River, Minnesota
|